Josemaría Escrivá Obras
 
 
 
 
 
 
  De Smidse > Loutering > Hst 10
750

Heer, ik vraag U niet dat U de gevoelens van mij wegneemt, want daarmee kan ik U dienen; ik vraag dat U ze loutert.


751

Bij het zien van Gods wonderen en van ons menselijk falen moeten wij erkennen: Heer, U bent alles voor mij! Vraag van mij wat U maar wilt! En niemand van ons zal zich nog alleen voelen, ook jij niet.


752

Het grote geheim van de heiligheid bestaat erin steeds meer op Hem te gaan lijken. Hij is het enige en allerbeminnelijkste voorbeeld.


753

Je wilt bidden maar je ziet niets, je voelt je verward en leeg. Volg dan deze weg: denk niet aan jezelf, maar richt je blik op het lijden van Christus, onze Verlosser.

Wees ervan overtuigd dat Hij van ieder van ons verwacht wat Hij in de Hof van Olijven aan zijn drie meest geliefde apostelen vroeg: “Waakt en bidt”.


754

Als je het evangelie openslaat, bedenk dan dat wat daar verteld wordt - de werken en woorden van Christus -, er niet alleen staat om te weten, maar ook om te beleven. Alles, ieder punt dat aangeraakt wordt, is gedetailleerd opgenomen, opdat je het op de concrete omstandigheden van je leven toepast.

De Heer heeft ons, katholieken, geroepen om Hem van dichtbij te volgen, en in deze gewijde tekst maak je kennis met het leven van Christus; maar je moet daar ook je eigen leven ontdekken.

Je zult leren om, zoals de apostel, vol liefde te vragen: “Heer, wat wilt Gij dat ik doe...?” In je binnenste hoor je een ondubbelzinnig antwoord: de wil van God!

Neem daarom elke dag het evangelie, lees het en beleef het als een concrete richtlijn. Zo zijn de heiligen te werk gegaan.


755

Als je echt een houvast zoekt voor je hart, dan raad ik je aan een van de wonden van de Heer binnen te gaan. Dan kun je vol vertrouwen met Hem omgaan, heel dicht bij Hem zijn en zijn Hart voelen kloppen... en je zult alles doen wat Hij van je vraagt.


756

Het gebed is zonder enige twijfel de 'troost' voor allen die van Jezus houden.


757

Het Kruis symboliseert het leven van de apostel van Christus, met een kracht en waarheid die een verkwikking zijn voor ziel en lichaam, hoewel het soms moeite kost en de last duidelijk voelbaar is.


758

Ik begrijp heel goed dat je, uit Liefde, samen met Christus wilt lijden: dat je in zijn plaats je rug wilt aanbieden voor de geselslagen van de beulen; je hoofd voor de doornenkroon; je handen en voeten voor de nagels..., of dat je op zijn minst bij onze Moeder, de heilige Maria, onder het Kruis wilt staan, en jezelf wilt aanklagen omdat ook jij de Heer met je zonden gedood hebt... Je verlangt ernaar te lijden en lief te hebben.


759

Je zei me: Ik heb me voorgenomen de Heilige Geest vaker aan te roepen en zijn licht te vragen.

Goed, maar denk eraan, mijn kind, dat de Heilige Geest de vrucht is van het Kruis.


760

De intense liefde die de ziel gelukkig maakt is gebaseerd op het lijden: liefde zonder zelfverloochening bestaat niet.


761

Christus is aan het Kruis genageld... en jij? Jij wordt nog altijd door je grillen beheerst, of liever gezegd: door je grillen vastgenageld!


762

Laten wij geen halfzachte christenen zijn, want dat kan gewoonweg niet! Op aarde hebben ook het lijden en het kruis hun plaats.


763

Het Kruis moet een plaats krijgen in ons leven. Wie geen rekening houdt met het Kruis is geen christen..., maar zal 'zijn kruis' toch tegenkomen, en dat zal hem wanhopig maken.


764

Nu het ernst begint te worden met het Kruis, nu het zwaarder begint te wegen, zorgt Jezus voor een oplossing die ons vrede geeft. Hij helpt ons het te dragen. Hij wordt onze Simon van Cyrene... opdat de last licht wordt.

Zeg Hem vol vertrouwen: Heer, is dit een echt Kruis? Het is een Kruis zonder kruis! Nu ik de formule ken - de volledige overgave aan U -, zullen mijn kruisen, met uw hulp, voortaan zoals dit kruis zijn.


765

Maak het vaste voornemen, dat een goede vriend eens als volgt formuleerde: Heer, ik verlang het lijden, niet het vertoon.


766

Wie het Kruis opneemt, heeft de blijdschap, heeft U, Heer, in zijn handen!


767

Wat iemand - en zelfs een hele samenleving - echt ongelukkig maakt is de begerige en egoïstische zucht naar welzijn; de poging alles wat tegenzit uit de weg te ruimen.


768

De weg van de Liefde heet offer.


769

Het Kruis - het heilig Kruis! - is zwaar.

Aan de ene kant mijn eigen zonden, aan de andere kant de droeve werkelijkheid van het lijden van onze Moeder, de heilige Kerk; de onverschilligheid van veel katholieken die 'willen zonder te willen'; de scheiding, om verschillende redenen, van mensen die van elkaar houden; de ziekten en zorgen van anderen en van mijzelf...

Het Kruis - het heilig Kruis! - is zwaar. Fiat, adimpleatur..., moge de zeer rechtvaardige en beminnelijke wil van God gedaan, vervuld, geprezen en eeuwig verheerlijkt worden boven alle dingen! Amen. Amen.


770

Wanneer men de weg gaat die Christus ging; wanneer de ziel niet langer berust, maar vrede heeft met het Kruis - en de vorm van het Kruis aanneemt -; wanneer men de wil van God liefheeft; wanneer men het Kruis bemint... dan, alleen dan, zal Hij het dragen.


771

Verenig het lijden - het Kruis dat van buitenaf of van binnenuit komt - met de wil van God door middel van een edelmoedig fiat, Uw wil geschiede! Dat zal jou blij en rustig maken.


772

Onmiskenbare tekenen van het echte Kruis van Christus: kalmte, een diep gevoel van vrede, een liefde die tot elk offer bereid is, een geweldige doeltreffendheid die zijn oorsprong heeft in de open zijde van Christus, en altijd - heel duidelijk waarneembaar - de blijdschap: een blijdschap die voortkomt uit de wetenschap dat, wie zich echt geeft, naast het Kruis staat en dus naast de Heer.


773

Leef in het bewustzijn dat de Koning je heeft uitgekozen en je hele leven, je lichaam en je ziel, het koninklijk zegel van het heilig Kruis heeft gegeven. Wees daar dankbaar voor.


774

Een vriend van ons schreef: “Ik draag een klein kruisje bij me met een afbeelding van Christus die door het gebruik en door het vaak te kussen is gaan slijten. Mijn vader heeft het bij de dood van zijn moeder - die het gewoonlijk bij zich had - geërfd.

Omdat het zo armoedig is, durf ik het niemand cadeau te doen, maar als ik er naar kijk, wordt mijn liefde tot het Kruis alleen maar groter.”


775

Bij moeilijkheden bad een priester: “Jezus, laat het Kruis komen dat U voor mij wilt. Ik zal het voortaan met blijdschap aanvaarden en het met de rijke zegen van mijn priesterschap zegenen.”


776

Als je ergens hard door getroffen wordt, als je een Kruis te dragen krijgt, moet je daar niet over inzitten, maar de Heer juist met een opgewekt gezicht bedanken.


777

Gisteren zag ik een schilderij met een afbeelding van de gestorven Christus. Ik vond het prachtig. Een engel kuste met onuitsprekelijke toewijding zijn linkerhand. Aan de voeten van de Verlosser stond een andere engel met een nagel van het heilig Kruis in de hand. En op de voorgrond zag je - met de rug naar de toeschouwer en met de blik op Christus gericht - een engeltje dat huilde.

Ik vroeg de Heer of iemand mij dat schilderij zou kunnen schenken. Het is prachtig. Het ademt vroomheid. Ik werd bedroefd toen ik hoorde dat men het doek liet zien aan een mogelijke koper, die het afwees met de opmerking: “Een lijk!”. Heer, voor mij zult Gij altijd het Leven zijn!


778

Heer - het kan me niets schelen het duizend keer te herhalen -, ik wil bij U zijn, en de vernederingen en wreedheden van het Lijden en van het Kruis samen met U ondergaan.


779

De ontmoeting met het Kruis is de ontmoeting met Christus.


780

Jezus, moge uw goddelijk Bloed door mijn aderen stromen opdat ik op elk moment zo edelmoedig ben het Kruis op me te nemen.


781

Ga bidden bij de gestorven Jezus aan het Kruis, opdat het leven en sterven van Christus een voorbeeld voor je is en een aansporing om te beantwoorden aan zijn goddelijke wil.


782

Als het ogenblik van lijden en boete gekomen is, bedenk dan dat het Kruis het teken van Christus, de Verlosser, is. Het is niet langer het symbool van het kwaad, maar het is het teken van de overwinning geworden.


783

Voeg aan de ingrediënten van de maaltijd de 'voortreffelijke spijs' van de versterving toe.


784

Een paar dagen grote verstervingen doen en dan weer een paar dagen niets, dat is geen geest van boetvaardigheid.

De geest van boetvaardigheid betekent dat iemand zich elke dag weet te overwinnen, door grote en kleine dingen op te offeren uit liefde, en zonder het te laten merken.


785

Laten we de kleinigheden, de onbeduidende en de grote tegenslagen die we te dragen hebben, verbinden met het lijden van de Heer die zich voor ons opoffert. Hij is het enige slachtoffer! De waarde van deze kleinigheden zal daardoor stijgen, we zullen een schat verzamelen en het Kruis van Christus graag en zonder enige reserve op ons nemen.

Verdriet wordt zo snel overwonnen en niets of niemand kan ons de blijdschap en de vrede nog ontnemen.


786

Om apostel te zijn moet je - zoals de heilige Paulus leert - de gekruisigde Christus in je dragen.


787

Geloof me: het heilig Kruis geeft aan ons leven de onomstotelijke zekerheid dat wij aan Christus toebehoren.


788

Het Kruis is geen straf, geen verdriet, geen bitterheid... Het is het heilig hout van waaraf Christus zegeviert... en waar ook wij zegevieren, wanneer wij blij en edelmoedig aanvaarden wat Hij op onze weg doet komen.


789

Na het heilig Misoffer is het je duidelijk geworden dat de volharding van degenen die je na staan, en soms zelfs hun geluk hier op aarde, goeddeels afhangt van jouw geloof en liefde, van je boetedoening, van je gebed, van je hele doen en laten.

Gezegend zij het Kruis dat wij dragen: Hij - de Heer - en jij en ik!


790

O Jezus, ik zou willen dat mijn hart van liefde brandde! Ik zou willen dat alleen al mijn aanwezigheid genoeg was om de wereld vele kilometers om mij heen in brand te steken, in een onblusbare vuurzee. Ik wil zeker weten dat ik van U ben. Daarna mag het Kruis komen...

Dat is een prachtige weg: lijden, beminnen en geloven!


791

Als je ziek bent, offer je lijden dan met liefde op. Het zal veranderen in wierook die opstijgt ter ere van God en voor jouw heiliging.


792

Als kind van God en met zijn genade moet je een sterke man of vrouw zijn, iemand van woorden en daden.

We zijn geen kasplantjes. We leven midden in de wereld waar we zijn blootgesteld aan alle weersomstandigheden, aan warmte en kou, aan regen en storm..., maar daarbij zijn we altijd trouw aan God en aan zijn Kerk.


793

Wat doet het pijn geminacht te worden, ook als je er helemaal voor open staat!

Maak je geen zorgen, maar offer het aan God op.


794

Die minachting heeft je erg veel pijn gedaan...! Het betekent dat je nog te gemakkelijk vergeet wie jij bent.


795

Als we vinden dat we onrechtvaardig worden beschuldigd, laten we ons gedrag dan in de aanwezigheid van God onderzoeken, cum gaudio et pace, met een blijde sereniteit, en rechtzetten wat de naastenliefde verlangt, ook als het om onschuldige dingen gaat.

We moeten ons elke dag meer inspannen om heilig te worden en laten ze dan maar zeggen wat ze willen, als de volgende zaligspreking maar van toepassing is: Beati estis cum... dixerint omne malum adversus vos mentientes propter me, zalig zijt gij, wanneer men u... lasterlijk van allerlei kwaad beticht om Mijnentwil.


796

Iemand merkte op - ik herinner me niet wie, of waar - dat de storm van de intrige woedt rond de mensen die boven de massa uitsteken, zoals de orkaan, die de hoogste pijnbomen geselt.


797

Intriges, laaghartige interpretaties - gesneden naar de maat van het hart van wie die praatjes rondstrooit -, lafhartig gefluister... Het komt in veel kringen helaas herhaaldelijk voor: zelf doet men niets, en anderen wordt het onmogelijk gemaakt te werken.

Overweeg rustig deze verzen van de psalmist: “Israëls God, voor mijn broeders werd ik een vreemde; iemand van elders voor mijn moeders zonen; de ijver voor uw huis heeft mij verteerd, mij trof de smaad van uw smaders”... en ga gewoon door met werken.


798

Ook als de mensen nog zo goed zijn, wordt er over iemand die echt goed wil doen geroddeld. Ook dat is het heilig Kruis.


799

In silentio et in spe erit fortitudo vestra, in zwijgen en in vertrouwen zal uw kracht liggen... verzekert de Heer de zijnen. Zwijgen en vertrouwen: twee belangrijke wapens in tijden van tegenspoed, wanneer de mensen weigeren je te helpen.

Het lijden verdragen zonder te klagen - kijk naar het heilig lijden en sterven van Jezus -, is een maat voor de liefde.


800

Een man die helemaal aan God wilde toebehoren en uit liefde tot Hem alle mensen wilde dienen, bad als volgt: “Heer, ik vraag U in deze zondaar werkzaam te zijn en mij een zuivere en gelouterde intentie te geven.”


801

Ik werd getroffen door de houding van die zeer geleerde en heilige man, die verdraagzaamheid en onverzettelijkheid op de juiste manier wist te combineren. Hij zei: ik schik me in alles zolang God er niet door beledigd wordt.


802

Denk er eens over na hoe goed het je gedaan heeft dat er mensen waren die je dwarszaten of je probeerden dwars te zitten.

Anderen zullen deze mensen hun vijanden noemen. Maar volg jij de heiligen tenminste daarin na, dat je de mensen die jou slecht behandeld hebben - je bent ook weer niet zo belangrijk dat je van vijanden kunt spreken - als je 'weldoeners' ziet. Als je hen vaak aanbeveelt bij God, zul je hen zelfs sympathiek gaan vinden.


803

Kind, luister eens: wees blij wanneer men je slecht behandelt en je goede naam door het slijk haalt; wanneer velen zich over je opwinden en het in de mode is je te bespuwen, omdat je in hun ogen omnium peripsema, het slijk der aarde bent...

Dat is moeilijk, heel moeilijk zelfs. Het is hard, totdat iemand uiteindelijk naar het tabernakel gaat en - wetend dat men hem beschouwt als drek, als een armzalige worm - in alle oprechtheid zegt: “Heer, als Gij mijn eer niet nodig hebt, waarom zou ik die dan willen?”

Pas dan ervaart een kind van God wat het betekent gelukkig te zijn: als het, van alles beroofd, tot deze totale overgave komt, een overgave uit liefde, gebaseerd op versterving en lijden.


804

Tegenwerking van mensen die goed zijn? Dat is werk van de duivel.


805

Als je de kalmte verliest en zenuwachtig wordt, lijkt het dat je niet meer helder kunt denken.

In zo'n situatie hoort men de stem van de Meester weer wanneer Hij tegen Petrus zegt, als hij ten onder gaat in de wateren van zijn onrust en opwinding: “Waarom heb je getwijfeld?”


806

Orde zal harmonie in je leven brengen en je doorzettingsvermogen geven. Orde zal vrede geven aan je hart en rust aan je houding.


807

Ik citeer een paar woorden die je kunnen helpen om rustig te worden: “Mijn financiële situatie is ellendig, erger kan het niet. Ik laat mij er echter niet door uit het veld slaan. Ik ben er vast van overtuigd dat God, mijn Vader, deze zaak eens en voor altijd zal oplossen.

Heer, ik wil al mijn zorgen in uw edelmoedige handen leggen. Onze Moeder - uw Moeder! - heeft U, net als in Kana, zeker al laten weten: 'ze hebben niet genoeg...!' Jezus, ik geloof in U, ik hoop op U, ik heb U lief. Ik vraag het niet voor mijzelf, maar voor de anderen.”


808

Ik bemin uw wil. Ik houd van de heilige armoede, die de leidraad is voor mijn leven.

Ik wil voortaan alles verafschuwen wat ook maar in de geringste mate afwijkt van Uw allerrechtvaardigste, allerbeminnelijkste en vaderlijke wil.


809

De geest van armoede, de onthechting van de aardse goederen, komt de doeltreffendheid van het apostolaat ten goede.


810

Nazareth: de weg van het geloof, van de onthechting, waar de Schepper zich onderwerpt aan zijn hemelse Vader... en aan de schepselen.


811

Jezus spreekt altijd met liefde... ook als Hij ons terechtwijst of toelaat dat we beproefd worden.


812

Als je je vereenzelvigt met de wil van God... is tegenslag geen tegenslag meer.


813

God houdt oneindig veel meer van ons, dan jij van jezelf houdt... Verzet je daarom niet als Hij hoge eisen aan je stelt!


814

Aanvaard de wil van God zonder bang te zijn. Aarzel niet het voornemen te maken je leven te baseren op wat het geloof ons leert en van ons vraagt.

Je kunt er zeker van zijn dat je dan gelukkig bent, ook als je veel zorgen hebt of laster moet verduren. En dit geluk zal je ertoe aanzetten van anderen te houden, en hen te doen delen in jouw bovennatuurlijke blijdschap.


815

Wees ervan overtuigd dat tegenslagen een bewijs zijn van Gods vaderlijke liefde voor jou.


816

In de smidse van het lijden, die aanwezig is in het leven van ieder die bemint, leert de Heer ons dat wij de ware vreugde vinden door onbevreesd in zijn voetspoor te treden, ook al kost dat soms moeite.


817

Sterk je geest door boetedoening, opdat je bij tegenslagen nooit de moed verliest.


818

Wanneer neem jij je nu eindelijk eens voor om je te vereenzelvigen met Christus die het Leven is?


819

Om in de navolging van Jezus te volharden moet men innerlijk vrij zijn, dit steeds willen en de persoonlijke vrijheid goed gebruiken.


820

Je stelt met verbazing vast dat er bij elke mogelijkheid om je te beteren meer horizonten zichtbaar worden...

Het zijn verschillende wegen binnen een 'weg', die eventuele routine uitsluiten en je dichter bij de Heer brengen.

Streef er edelmoedig naar zo ver mogelijk te komen.


821

Doe je werk met nederigheid, dat wil zeggen, reken allereerst op de zegeningen van God die je niet zullen ontbreken; steun verder op je goede wil en een goede organisatie van je werk, maar houd ook rekening met moeilijkheden! En vergeet niet dat gebrek aan heiligheid daar altijd een onderdeel van is.

Als je probeert om elke dag een beetje beter te worden, zul je een goed 'instrument' van God zijn.


822

Je vertelde me in vertrouwen hoe je in het gebed je hart bij de Heer uitstortte: “Ik overweeg mijn ellende die, ondanks uw genade, alleen maar groter lijkt te worden. Dat komt ongetwijfeld doordat ik er niet goed aan beantwoord. Ik weet dat ik absoluut niet berekend ben voor de onderneming die U van mij vraagt. In kranten lees ik dat veel aanzienlijke, begaafde en rijke mensen spreken, schrijven en in actie komen om uw Rijk te verdedigen... En als ik dan naar mijzelf kijk, vind ik mij zo waardeloos, zo onwetend, zo armoedig, in één woord zo klein..., dat ik in de war zou raken en me zou schamen, als ik niet wist dat U van mij houdt zoals ik ben. Maar, Jezus, U weet ook dat ik mijn ambities van harte aan uw voeten heb gelegd... Geloof en Liefde: beminnen, geloven, lijden. Daarin wil ik wel rijk en bekwaam zijn, maar alleen in die mate waarin Gij dat in uw grenzeloze barmhartigheid hebt vastgesteld. Heel mijn aanzien en mijn eer wil ik aanwenden om uw allerrechtvaardigste en allerbeminnelijkste wil trouw te vervullen.”

Ik heb je aangeraden het niet bij die mooie verlangens te laten.


823

De Liefde tot God vraagt ons het Kruis op ons te nemen... de last van de hele mensheid op onze schouders te voelen en in onze persoonlijke omstandigheden en op ons werk, de duidelijke en liefdevolle plannen van de wil van de Vader te vervullen.


824

De grootste dwaas die er ooit geweest is en er ooit zal zijn, is Hij. Bestaat er een grotere dwaasheid dan de manier waarop Hij zich overgaf, en aan wie?

Het zou al dwaas geweest zijn als Hij een weerloos Kind gebleven was; maar dan zouden heel wat kwaadwillige mensen vertederd geraakt zijn en Hem niet hebben durven mishandelen. Dat leek Hem niet genoeg: Hij wilde zich nog meer vernederen, zich nog meer geven. En Hij maakte zich tot voedsel, Hij werd Brood.

Goddelijke Dwaas! Hoe behandelen de mensen U...? En ik?


825

Jezus, met uw dwaasheid uit Liefde hebt U mijn hart gestolen. U bent weerloos en klein geworden, zodat degenen die U nuttigen kunnen 'groeien'.


826

Je moet zien te bereiken dat je leven een echt - volledig! - eucharistisch leven wordt.


827

Het tabernakel noem ik graag 'kerker der Liefde'.

Al twintig eeuwen is Hij daar... vrijwillig opgesloten voor mij, en voor alle mensen!


828

Heb je wel eens bedacht hoe je je erop zou voorbereiden de Heer te ontvangen, als je maar één keer in je leven te communie zou kunnen gaan?

Laten we God danken omdat wij zo gemakkelijk tot Hem kunnen naderen, maar... laten wij dat doen door ons daar heel goed op voor te bereiden.


829

Zeg de Heer dat je voortaan bij het opdragen of bijwonen van de heilige Mis, en telkens als je het sacrament van de Eucharistie uitreikt of ontvangt, een groot geloof en een brandende liefde wilt hebben: alsof het de laatste keer in je leven was.

En heb er spijt van, dat je vroeger zo nalatig was.


830

Ik begrijp heel goed dat je elke dag de heilige Communie wilt ontvangen. Wie zich een kind van God weet, heeft een sterk verlangen naar Christus.


831

Bedenk tijdens de heilige Mis dat je deelneemt aan een goddelijk offer, want op het altaar offert Christus zich opnieuw, voor jou.


832

Zeg Hem als je Hem ontvangt: Heer, ik vertrouw op U, ik aanbid U, ik bemin U, vermeerder mijn geloof. Steun mij in mijn zwakheid, U hebt immers in de Eucharistie willen blijven om - zelf zo weerloos - de zwakheid van uw schepselen weg te nemen.


833

Wij moeten de volgende woorden van Jezus helemaal tot de onze maken: Desiderio desideravi hoc Pascha manducare vobiscum, vurig heb Ik verlangd dit paasmaal met u te eten. We kunnen onze grote liefde voor het heilig Misoffer niet beter uiten dan door nauwgezet, tot in de kleinste details, de door de wijsheid van de Kerk voorgeschreven liturgische bepalingen in acht te nemen.

En behalve dat wij Hem liefhebben, moeten we ook de behoefte voelen op Christus te lijken, niet alleen innerlijk, maar ook uiterlijk. We moeten ons - bij de weidse ruimten van het christelijk altaar - met een ritme en een harmonie bewegen die uitdrukking geven aan de gehoorzame wil tot heiligheid, die zich vereenzelvigt met de wil van de Bruid van Christus, de Kerk; dat wil zeggen met de wil van Christus zelf.


834

We moeten de Heer in de Eucharistie ontvangen, zoals de groten der aarde ontvangen worden. Nog beter zelfs! Met pracht en praal, met licht, met feestelijke gewaden...

En als je me vraagt wat in dit geval met schoonheid, pracht en praal bedoeld wordt, zal ik je antwoorden: reinheid van je zintuigen, van elk zintuig afzonderlijk; luister van elk van je vermogens; licht in heel je ziel.


835

Wees een mens van de Eucharistie!

Als al jouw gedachten en verlangens op het tabernakel gericht zijn, zullen de vruchten van heiligheid en apostolaat overvloedig zijn!


836

De voorwerpen die gebruikt worden in de goddelijke eredienst moeten artistiek verantwoord zijn, met als uitgangspunt dat de eredienst er niet is voor de kunst, maar de kunst voor de eredienst.


837

Ga dikwijls een bezoek brengen bij het tabernakel, ook al is het alleen maar met je hart, om vertrouwen en rust te krijgen, maar ook liefde... en om liefde te geven!


838

Ik neem de woorden over die een priester richtte tot degenen die hem volgden in zijn apostolische onderneming: “Wanneer je de heilige Hostie beschouwt, uitgestald in de monstrans op het altaar, denk dan eens aan de enorme liefde en tederheid van Christus. Ik beredeneer het aan de hand van de liefde die ik voor jullie heb: als ik ver weg aan het werk zou zijn en tegelijkertijd dicht bij ieder van jullie kon zijn, dan zou ik dat heel graag doen!

Christus kan dat wel! Hij houdt van ons met een liefde die oneindig veel groter is dan de liefde van alle mensen samen. Hij is gebleven opdat wij ons altijd met zijn allerheiligste Mensheid kunnen verenigen, maar ook om ons te helpen, te troosten en te sterken, opdat wij trouw zijn.”


839

Denk niet dat het gemakkelijk is van het leven een dienst te maken. Zo een groots verlangen moet in daden omgezet worden, omdat - zoals de apostel leert - “het koninkrijk Gods nu eenmaal niet bestaat in woorden, maar in kracht”. Voortdurend klaarstaan voor de anderen is niet mogelijk zonder offer.


840

Leef altijd en in alles met de Kerk mee! Je moet ervoor zorgen dat je de noodzakelijke geestelijke en leerstellige vorming krijgt die van jou een mens maakt met een zuiver oordeel in tijdelijke aangelegenheden, en snel en nederig in de bereidheid je te corrigeren als je merkt dat je je vergist hebt.

Het oprecht corrigeren van persoonlijke fouten is een heel menselijke en tevens een heel bovennatuurlijke manier om de persoonlijke vrijheid uit te oefenen.


841

Het is hard nodig het licht van Christus' leer te verbreiden.

Zorg voor een grondige religieuze vorming en voor duidelijke ideeën, zodat je de volheid van de christelijke boodschap aan anderen kunt doorgeven.

Verwacht geen bijzondere ingevingen van God. Hij heeft geen reden je die te geven, als je de concrete middelen bij de hand hebt: de studie, het werk.


842

De dwaling verduistert niet alleen het verstand, maar zij zaait ook tweedracht.

Daarentegen geldt: Veritas liberabit vos, de waarheid zal jullie vrijmaken van iedere vorm van groepjesgeest waardoor de liefde alleen maar wordt uitgehold.


843

Je zoekt het gezelschap van een collega die jou nauwelijks ziet staan... en dat kost je moeite.

Ga gewoon door en oordeel niet over hem. Hij zal 'zijn redenen' hebben, net zoals jij die hebt om elke dag meer voor hem te bidden.


844

Als je zelf zo gericht bent op het aardse, waarom ben je dan verbaasd, dat de anderen geen engelen zijn?


845

Zie er met liefde op toe de heilige zuiverheid goed te beleven..., omdat je een vonk gemakkelijker dooft dan een brand.

Maar waakzaamheid, versterving, boetegordel en vasten - wat noodzakelijke wapens zijn! - helpen zo weinig zonder U, mijn God!


846

Houd altijd in gedachten dat je, op ieder moment van de dag, meewerkt aan de geestelijke en menselijke vorming van de mensen om je heen en van alle andere zielen, zo ver reikt de gezegende gemeenschap van de heiligen: bij je werk en ontspanning, als ze je blij of bezorgd zien, als je bij je werk of midden op straat bidt als een kind van God en je innerlijke rust te merken is, als ze zien dat je geleden hebt - dat je gehuild hebt - en glimlacht.


847

Heilige dwang is iets totaal anders dan blind geweld of vergelding.


848

De Meester zei het al: laten wij hopen dat de kinderen van het licht minstens evenveel energie en koppigheid in het goede steken als de kinderen der duisternis in hun werken!

Klaag niet, maar werk om het kwaad te verstikken in een overvloed aan goed!


849

Liefde die schadelijk is voor de bovennatuurlijke doeltreffendheid van het apostolaat, is valse liefde.


850

God heeft overtuigde, vastberaden vrouwen en mannen nodig, op wie men kan steunen.


851

Wij leven niet voor de wereld of voor onze eer. Wij leven voor de eer van God, de glorie van God, de dienst aan God. Dát moet onze drijfveer zijn!


852

Sinds de Heer de Kerk stichtte heeft zij voortdurend onder vervolging geleden. Misschien waren de vervolgingen in andere tijden openlijker en worden ze nu vaak in het verborgene opgezet; maar zowel vandaag als gisteren blijft men de Kerk bestrijden.

Daarom moeten we de plicht voelen om elke dag als serieuze katholieken te leven!


853

Hier heb je een recept voor je dagelijks leven: “Ik wil er niet eens aan denken dat ik besta. Ik ben niet met mijn eigen dingen bezig, want daar heb ik geen tijd voor.”

Werken en dienen!


854

Uit de volgende kenmerken blijkt de ongeëvenaarde goedheid van onze heilige Moeder Maria: een liefde die tot het uiterste ging, die de goddelijke wil met zorg vervulde, zichzelf volledig vergat en tevreden was dáár te zijn waar God haar wilde.

Daarom is zelfs haar kleinste gebaar niet zonder betekenis. Leer daarvan.


[Print]
 
[Verzend]
 
[Palm]
 
[Bewaar]
 
Vertaal het punt naar:
Vorige Volgende