Josemaría Escrivá Obras
 
 
 
 
 
 
  De Smidse > Vruchten voortbrengen > Hst 12
912

Beantwoord aan de goddelijke liefde door trouw, heel trouw te zijn! Geef de liefde die je ontvangen hebt door aan andere mensen, opdat ook zij het geluk hebben God te ontmoeten.


913

Heer Jezus, maak dat ik uw genade duidelijk ervaar en daar zodanig aan meewerk dat mijn hart zich van alle ballast ontdoet... en U het helemaal kunt vullen. U, mijn Vriend, mijn Broer, mijn Koning, mijn God, mijn Liefde!


914

Als uit je gebed, je offer en je inzet niet steeds blijkt dat je je voortdurend inspant voor het apostolaat, dan geeft dat duidelijk aan dat je niet helemaal gelukkig bent en dat je trouw verder moet groeien.

Wie gelukkig is en beseft dat hij het goede bezit, doet moeite om dit aan anderen door te geven.


915

Pas wanneer je je eigen ik weet te vertrappen en gaat leven voor anderen, zul je een geschikt werktuig zijn in de handen van God.

Hij riep - roept - zijn leerlingen en geeft hun de opdracht: Ut eatis, ga iedereen zoeken!


916

Heb geen andere wens dan de wereld tot zuivere liefde aan te zetten. Je kunt het! Je maakt de hele mensheid gelukkig als je haar helpt dichter bij God te komen.


917

In modico fidelis, trouw in het kleine...! Dat is jouw taak, mijn kind. Je moet de zielen niet alleen redden, je moet ze ook heiligen door dag in dag uit, aan ieder ogenblik - hoe onbeduidend het ook mag lijken - een klank van eeuwigheid te geven.


918

Je kunt het zaad van de geloofsleer niet scheiden van het zaad van de godsvrucht.

Alleen door vroomheid kun je, bij het zaaien van de leer, alles vernietigen wat je werk ondoeltreffend zou maken.


919

In veel bedrijven komt de apparatuur tot stilstand als de stroom uitvalt. Zo gaat het ook in het apostolaat. Zonder gebed en versterving - waardoor het heilig Hart van Christus wordt geraakt - blijft het onvruchtbaar.


920

Als je gehoor geeft aan de impulsen van de genade zul je vruchten voortbrengen. Duurzame vruchten, ter ere van God.

Heiligheid maakt doeltreffend, ook als de heilige zelf de vruchten niet ziet of oogst.


921

Zuiverheid van bedoeling betekent dat je enkel en alleen de glorie van God zoekt.


922

Het apostolaat is een duidelijke uiting van geestelijk leven. Het is als een gestage vleugelslag die elk groot of klein onderdeel van de dag op een bovennatuurlijk plan brengt, door liefde tot God in alles te leggen.


923

In boeken die hij las, lag altijd een strookje papier dat als bladwijzer diende. Daar stond met grote en duidelijke letters geschreven, of beter gezegd, gegraveerd: Ure igne Sancti Spiritus! Ontsteek in mij het vuur van de Heilige Geest!

Ik zou dit goddelijk vuur graag in jou, christen, achter willen laten: gegraveerd in je ziel, brandend op je lippen, aanstekelijk in je daden.


924

Doe je best een kind te zijn met heilige durf dat 'weet' dat God, zijn Vader, hem altijd het beste geeft.

Het maakt zich dan ook geen zorgen wanneer het niet beschikt over wat het meest noodzakelijke lijkt en het zal vol innerlijke vrede zeggen: de Heilige Geest is altijd bij mij.


925

Denk eraan dagelijks voor deze intentie te bidden: dat alle katholieken trouw zijn, dat we besluiten te strijden om heilig te worden.

Dat spreekt natuurlijk vanzelf! Wat zouden wij anders wensen voor de mensen die ons lief zijn, en die met ons verbonden zijn door de sterke band van het geloof?


926

Als ik hoor dat er mensen zijn die zich aan God hebben gegeven, maar er niet meer vurig naar streven heilig te worden, dan vrees ik dat dit - als het echt zo is - zal leiden tot de grote mislukking van hun leven.


927

Qui sunt isti, qui ut nubes volant, et quasi columbae ad fenestras suas? Wie vliegen daar aan als een wolk, als duiven op weg naar hun til, vraagt de profeet. Een geestelijk schrijver zegt hierover: “De wolken vinden hun oorsprong in de zee en de rivieren, ze gaan hun weg, en na een meer of minder lange kringloop keren ze weer terug naar hun bron.”

Voor jou voeg ik hieraan toe dat je ook zo moet zijn: een wolk die de wereld vruchtbaar maakt, door haar te helpen het leven van Christus te leiden... Deze goddelijke wateren zullen de aarde binnendringen en haar doordrenken. Terwijl ze door zoveel vuil heendringen, worden ze niet vervuild maar gefilterd. Als zuivere bronnen zullen ze weer opwellen om vervolgens als beken en grote rivieren de dorst van de mensen te lessen. Keer daarna weer terug naar je toevluchtsoord, naar je onmeetbare zee, naar God, in de wetenschap dat er door de bovennatuurlijke bevloeiing van jouw apostolaat vruchten zullen blijven rijpen, dankzij de vruchtbaarheid van Gods wateren, die zullen blijven stromen tot aan het einde der tijden.


928

Kind, draag Hem ook het verdriet en het lijden van anderen op.


929

Zorgen? Conflicten die door de een of andere gebeurtenis zijn ontstaan...? Zie je niet dat God, jouw Vader, het zo wil...? En Hij is goed... en Hij houdt meer van jou - van jou alleen! -, dan alle moeders van de wereld bij elkaar van hun kinderen kunnen houden.


930

Zie eerlijk onder ogen op welke manier je de Meester volgt. Bekijk of je overgave alleen formeel en droog is, met een geloof zonder warmte; of het je in de loop van de dag aan nederigheid, aan offergeest, aan inzet ontbreekt; of er bij jou alleen maar een façade is, of je aandacht besteedt aan de kleine eisen van elk ogenblik..., kortom: of het je wellicht ontbreekt aan Liefde.

Als dat zo is, moet het je niet verwonderen dat je niet doeltreffend bent. Doe er iets aan! Begin met de hulp van Onze Lieve Vrouw opnieuw.


931

Roep je engelbewaarder aan bij grote of kleine moeilijkheden, of als je iets nodig hebt. Hij kan de moeilijkheden met Jezus oplossen, of je de gevraagde dienst verlenen.


932

God is aanwezig in het binnenste van jouw en van mijn ziel. Hij is in de ziel van alle mensen die in staat van genade zijn om ervoor te zorgen dat wij meer zout en licht krijgen, en ieder in zijn eigen situatie de gaven van God kan uitdelen.

En hoe kunnen we deze gaven uitdelen? Met nederigheid, met godsvrucht, geheel verenigd met onze Moeder de Kerk.

Herinner je je de wijnstok en de ranken? De rank die verbonden is met de wijnstok is heel vruchtbaar! Zij draagt volle trossen! En de rank die gescheiden is van de wijnstok is onvruchtbaar. Zij verdort en verliest het leven!


933

Jezus, moge de oceaan van uw liefde door mijn arme hart stromen, met golven die mij zuiveren en bevrijden van alle ellende... Stort de allerzuiverste en gloeiende wateren van uw Hart in het mijne. Als mijn verlangen U te beminnen verzadigd is, zal mijn hart breken - het zal sterven van Liefde! - doordat het niet méér liefde kan bevatten. De levendmakende, onweerstaanbare en vruchtbare watervallen van uw Liefde zullen zich dan in andere harten storten en ook die zullen de kracht van het goddelijke ervaren en geloven en liefhebben.


934

Beleef de heilige Mis!

Een overweging van een priester die veel van God hield kan je daarbij helpen: Is het mogelijk, mijn God, deel te nemen aan de heilige Mis zonder heilig te worden?

En hij ging verder: Ik zal opnieuw het voornemen maken om iedere dag mijn toevlucht te zoeken in de open zijde van mijn Heer!

Doe jij hetzelfde!


935

Hoeveel goed en hoeveel kwaad kun je niet doen!

Goede dingen, als je nederig bent en je je met vreugde en offergeest weet te geven; goede dingen voor jezelf, voor je medemensen en voor onze Moeder de Kerk.

En hoeveel kwaad, als je je door je hoogmoed laat leiden.


936

Pas op dat je niet verburgerlijkt! Want als je verburgerlijkt stoor je alleen maar, je wordt een last voor het apostolaat van de anderen en - wat erger is - je doet het Hart van Christus lijden!

Ga verder met je apostolaat, blijf je inspannen om je werk zo goed mogelijk te doen en verwaarloos je gebedsleven niet.

God zal de rest doen.


937

Zo nu en dan moet men met de zielen doen als met het vuur in de haard: een beetje oppoken en de slakken uit het vuur halen, want die schitteren wel meer dan de rest, maar ze zijn er de oorzaak van dat het vuur van de liefde voor God dooft.


938

Wij willen naar Jezus in het tabernakel gaan om Hem beter te leren kennen, zijn leer in ons op te nemen, en dit voedsel aan de mensen door te geven.


939

Als je de Heer ontvangen hebt en zijn Liefde geniet, beloof Hem dan dat je je zult inzetten om, waar nodig, je leven een andere koers te geven, om Hem zo naar een heleboel mensen te brengen die Hem niet kennen, geen idealen hebben en helaas afgestompt door het leven gaan.


940

“Waar ware liefde is, daar is God”, zingt de liturgische hymne. Naar aanleiding daarvan schreef iemand: “Deze broederlijke liefde is een grote en wonderlijke schat. Ze geeft niet alleen troost - die dikwijls nodig is -, maar ook de zekerheid dat God dichtbij is. Ze uit zich in de liefde van en voor de mensen om ons heen.”


941

Vlucht voor het spektakel! God weet al alles over jou. Heiligheid blijft onopgemerkt, ook al is ze heel doeltreffend.


942

Probeer van dienst te zijn zonder dat ze het merken, zonder dat ze je prijzen, zonder dat iemand je ziet... Door even onopgemerkt te blijven als zout, geef je 'smaak' aan de omgeving waarin je je beweegt. Zo draag je eraan bij dat alles - door je christelijke inzet - ongedwongen, vriendelijk, en aangenaam is.


943

Om te bereiken dat deze wereld een christelijke weg volgt - de enige die de moeite waard is -, moeten wij een loyale vriendschap met de mensen hebben, die op een loyale vriendschap met God gebaseerd moet zijn.


944

Je hebt me vaak horen spreken over het apostolaat ad fidem, dat op de geloofskennis gericht is.

Ik ben nog steeds van mening dat er in de hele wereld een prachtig terrein voor ons open ligt: mensen die het ware geloof niet kennen, maar integer, edelmoedig en blij zijn!


945

Vaak heb ik de neiging om alle mannen en vrouwen toe te roepen, dat ze dáár waar ze werken - op kantoren en in bedrijven, in de media en de politiek, in het onderwijs, de werkplaats, de mijn en op het land -, gesterkt door hun geestelijk leven en de gemeenschap der heiligen, dragers van God moeten zijn. Het is het onderricht van de apostel Paulus: “Eert dan God met uw leven en draagt Hem altijd bij u.”


946

We dragen de waarheid van Christus in ons hart. We moeten die aan anderen doorgeven, en ze in hun hoofd en in hun hart prenten. Wij zouden anders maar gemakzuchtig zijn en een valse strategie volgen.

Overweeg nog eens: vroeg Christus jou toestemming om in je ziel te komen? Hij liet je de vrijheid Hem te volgen, maar Hij zocht jou, omdat Hij dat wilde.


947

Met onze dienstbaarheid kunnen we de Heer een nog grotere triomf bereiden dan bij zijn intocht in Jeruzalem... Want er zal geen Judas, geen Hof van Olijven en geen duistere nacht zijn... Het zal ons lukken de wereld te doen branden met de vlammen van het vuur dat Hij op aarde kwam brengen...! En het licht van de waarheid - onze Jezus - zal het verstand van de mensen verlichten in een dag zonder einde.


948

Je hoeft er niet van te schrikken! Als christen heb je het recht en de plicht de heilzame crisis te veroorzaken, die de zielen ertoe aanzet hun leven op God te gaan richten.


949

Bid voor iedereen, voor de mensen van alle rassen, talen en godsdiensten; voor de mensen die een vaag godsdienstig besef hebben en voor degenen die het geloof niet kennen.

Deze ijver voor de zielen, die een ondubbelzinnig en duidelijk bewijs van onze liefde voor Jezus is, zal maken dat Jezus naar ons komt.


950

Hun ogen begonnen te schitteren toen ze hoorden spreken over het apostolaat onder mensen in verre landen! Het was alsof zij bereid waren in één sprong de oceaan over te steken. Wat is de wereld toch klein als de Liefde groot is!


951

Geen mens, niemand, mag jou onverschillig zijn!


952

Een leerling van Christus zal nooit denken: “Ik doe mijn best om goed te zijn; als anderen dat niet willen... kunnen zij wat mij betreft naar de verdoemenis gaan.”

Zo'n instelling is onmenselijk en niet te verenigen met de liefde voor God, noch met de liefde voor de naaste.


953

Als een christen begrijpt wat het betekent katholiek te zijn en daar ook naar leeft, als hij de urgentie voelt om de blijde boodschap van de verlossing aan alle schepselen te verkondigen, dan weet hij dat hij, zoals de apostel leert, alles voor allen moet zijn, om allen te redden.


954

De liefde voor je medemensen moet zo ver gaan dat je zelfs hun gebreken - zolang ze geen belediging van God zijn - niet als gebreken opvat. Je bent een egoïst als je alleen van hun goede kanten houdt en niet in staat bent hen te begrijpen, te verontschuldigen en te vergeven.


955

Je mag de ziel van de mensen om je heen niet schaden door nalatig te zijn of een slecht voorbeeld te geven.

Je hebt - hoe dan ook! - de verantwoordelijkheid voor de christelijke leefwijze van je naasten, voor de geestelijke werkkracht van allen, voor hun heiligheid.


956

Ver weg en toch heel dicht bij iedereen, heel dicht bij iedereen!..., herhaalde je gelukkig.

Je was tevreden dankzij deze verbondenheid met elkaar door de band van de liefde, waarover ik je sprak. Die liefde moet je onvermoeibaar aanwakkeren.


957

Je vraagt wat je zou kunnen doen voor een vriend die zich alleen voelt.

Ik zal zeggen wat ik altijd zeg, want we hebben een machtig middel tot onze beschikking dat alles oplost: bidden. Op de eerste plaats bidden. En dan voor hem doen, wat je zou willen dat ze in zo'n situatie voor jou zouden doen.

Zonder hem te vernederen, moet hij geholpen worden op een manier die gemakkelijk maakt wat hij moeilijk vindt.


958

Verplaats je altijd in de ander, zodat je de problemen of de moeilijkheden rustig en zonder je te ergeren onder ogen kunt zien. Je zult begrip krijgen, verontschuldigen, zo nodig een duwtje in de goede richting geven, en eraan bijdragen dat er meer liefde in de wereld is.


959

Op het terrein van het geloof kunnen we niet toegeeflijk zijn. Maar vergeet niet dat we de waarheid ook kunnen zeggen zonder iemand slecht te behandelen.


960

Als het om de bestwil van de ander nodig is dat je spreekt, zwijg dan niet. Maar doe het op een vriendelijke manier, niet onbeheerst of geïrriteerd.


961

Je kunt niet over gebeurtenissen of theorieën spreken zonder daarbij namen te noemen van mensen... over wie je niet oordeelt: Qui iudicat Dominus est, het is de Heer die oordeelt.

Maak je dan ook niet druk als je eens in botsing mocht komen met een gesprekspartner zonder zuiver geweten, die je woorden - met opzet of door gebrek aan visie - kwalificeert als geroddel.


962

Er zijn van die arme mensen die het niet kunnen verdragen dat je goed doet. Het is alsof het goede ophoudt goed te zijn, als zij het niet doen of het niet in handen hebben...

Dat onbegrip mag voor jou geen excuus zijn om het rustig aan te doen. Dwing jezelf op zo'n moment tot een extra inspanning. Als het applaus hier op aarde uitblijft, zal je werk in de hemel des te beter ontvangen worden.


963

Vijftig procent van de energie gaat soms verloren aan onderlinge twisten die voortvloeien uit het ontbreken van naastenliefde en uit geroddel en geklets over elkaar. Dan gaat nog eens vijfentwintig procent van het werk verloren door het optrekken van onnodige bouwsels voor het apostolaat. Als men wil dat de mensen voor honderd procent apostel worden, moet men geen geroddel dulden en geen tijd verliezen met het neerzetten van zoveel gebouwen.


964

Vraag God dat de priesters - die van nu en anderen die zullen komen - steeds meer van hun medemensen weten te houden; oprecht en zonder aanzien des persoons. Bid er ook voor dat zij de mensen voor zich weten te winnen.


965

Laten we denken aan de priesters van de hele wereld en help mij te bidden voor de vruchtbaarheid van hun apostolaat.

Priester, mijn broeder, spreek altijd over God. Als je werkelijk van Hem bent, zullen je woorden nooit vervelen.


966

De preek, de verkondiging van de gekruisigde Christus, is het woord van God.

De priesters moeten zich zo goed mogelijk op dit goddelijk dienstwerk voorbereiden en daarbij het heil van de zielen voor ogen hebben.

De leken moeten met een diep ontzag naar het woord van God luisteren.


967

Ik was blij met een opmerking die over een priester werd gemaakt: “Hij preekt met heel zijn ziel... en met heel zijn lichaam.”


968

Jij, apostel, bid als volgt: Heer, maak dat ik de mensen weet wakker te schudden en in allen het vuur van de Liefde weet te ontsteken, dat de enige motor voor onze inzet moet zijn.


969

Wij, katholieken, moeten door het leven gaan als apostelen: met het licht en het zout van God. Zonder angst en met veel natuurlijkheid, maar met een innerlijk leven dat ons nauw verenigt met de Heer, moeten we licht geven, bederf voorkomen, de schaduw afwenden, en de vrucht van de sereniteit en de doeltreffendheid van de christelijke leer uitdelen.


970

De zaaier ging uit om te zaaien, om het zaad met een brede armzwaai op alle kruispunten van de wereld uit te strooien... Een prachtig werk is voor ons weggelegd! Ervoor zorgen dat het woord van God altijd en overal wortel schiet, opkomt en vruchten voortbrengt.


971

Dominus dabit benignitatem suam et terra nostra dabit fructum suum, de Heer zal zijn zegen geven en ons land zal vruchten voortbrengen.

Inderdaad is de zegen van God de oorsprong van elke goede vrucht, het noodzakelijke klimaat als wij willen dat onze wereld heiligen voortbrengt, mannen en vrouwen van God.

Dominus dabit benignitatem, de Heer zal zijn zegen geven. Maar, let wel, de tekst zegt verder dat de Heer vruchten van jou en van mij verwacht, maar geen vruchten die ziek en mager zijn doordat wij niet tot overgave in staat waren. Omdat Hij ons overvloedig zegent, verwacht Hij rijke vruchten.


972

Je zag je roeping als de omhulsels die het zaad vasthouden. Eens zullen ze openspringen, waardoor meerdere zaden tegelijkertijd wortel zullen schieten.


973

In de grote mensenmassa - waarvan alle zielen voor ons meetellen - dien jij gist te zijn die, met de hulp van Gods genade en jouw beantwoording daaraan, overal op de wereld actief is en kwaliteit, smaak en volume geeft, zodat het brood van Christus daarna andere zielen kan voeden.


974

De vijanden van Jezus - en sommigen die zeggen zijn vriend te zijn - maken zich, toegerust met het harnas van de menselijke wetenschap en met het zwaard van de macht in de vuist, vrolijk over de christenen, zoals de Filistijn zich vrolijk maakte over David en op hem neerkeek.

Ook nu zal de Goliath van de haat, van de leugen, van de terreur, van de secularisatie, van de onverschilligheid... ter aarde storten. De reus van de valse ideologieën zal gewond raken door de schijnbaar zwakke wapens van de christelijke geest - gebed, boete, daden - en we zullen hem beroven van de wapenrusting van zijn dwaalleren, om onze medemensen toe te rusten met de echte wetenschap: de christelijke cultuur en de christelijke levenswijze.


975

In campagnes tegen de Kerk zijn veel organisaties verwikkeld - soms hand in hand met degenen die zich goed noemen - die de mensen via de pers, pamfletten, spotschriften, roddel en mond-tot-mond propaganda in beweging willen zetten. Vervolgens leiden ze hen waar ze ze willen hebben: tot in de hel. Ze proberen te bereiken dat de massa amorf wordt, alsof de mensen geen ziel hebben... Het is meelijwekkend.

Maar de mensen hebben wel een ziel en moeten daarom losgerukt worden uit de klauwen van de organisaties van het kwaad en in dienst van God gesteld worden.


976

Een nogal hoog percentage van de mensen die regelmatig de sacramenten ontvangen, leest slechte kranten en tijdschriften...

Rustig en met liefde tot God moeten wij hun de leer uitleggen en hun vragen die duivelse vodjes papier niet te lezen. Uit schaamte zeggen ze dat hun familieleden die kopen, ook al doen ze het misschien zelf.


977

Verdedig de waarheid met liefde en vastberadenheid als het om de zaken van God gaat. Breng de heilige durf op om dwalingen aan de kaak te stellen die soms kleine listen zijn, soms ook weerzinwekkende redeneringen, of met geen pen te beschrijven onwetendheid. Gewoonlijk geven ze de onmacht aan van mensen die de vruchtbaarheid van Gods woord niet kunnen verdragen.


978

Als je de Heer in tijden van algemene verwarring smeekt om de zielen te helpen - ze zijn tenslotte van Hem! - lijkt het misschien dat Hij je niet hoort, dat Hij zich doof houdt voor je geschreeuw, en op een gegeven moment denk je zelfs dat je apostolaat vergeefs is.

Maak je geen zorgen! Ga gewoon verder: met dezelfde blijdschap, met hetzelfde enthousiasme en met dezelfde inzet! Laat het me nog eens met nadruk zeggen: wat men voor God doet, gaat nooit verloren!


979

Mijn kind, alle zeeën van deze wereld zijn van ons; en daar waar de visvangst het moeilijkst is, is deze het hardst nodig.


980

Met je kennis van de christelijke leer, je integer leven en goed gedaan werk moet je, in je beroep en door het nakomen van je plichten, een goed voorbeeld geven aan de mensen om je heen: familie, vrienden, collega's, buren, leerlingen... Je mag niet maar wat aanrommelen.


981

Aangezien je veel met Christus omgaat heb je de plicht om vruchten voort te brengen.

Vruchten die de geestelijke honger van mensen stilt die naar jou toekomen op je werk, bij je sociale contacten, in de huiselijke kring...


982

Door je plichten van harte en edelmoedig te vervullen, bereik je dat de Heer ook overvloedige genade aan andere mensen geeft.


983

Probeer je christelijke levensvisie een plaats in de wereld te geven, opdat Hij daar veel vrienden van het Kruis heeft.


984

Behalve een overvloed aan genade heeft God jou je hoofd, je handen en je verstand gegeven om je talenten vruchtbaar te maken.

God wil steeds wonderen doen - doden ten leven wekken, doven het gehoor geven, blinden het gezichtsvermogen, lammen de mogelijkheid tot lopen... - door het werk dat je heiligt, waardoor het een voor God aangenaam en voor de zielen heilzaam brandoffer wordt.


985

De dag waarop jij je niet langer inzet om anderen dichter bij God te brengen - terwijl je altijd een gloeiend kooltje moet zijn -, verander je in een waardeloos restje kool dat wordt weggegooid, of in een hoopje as dat door een zuchtje van de wind uiteengeblazen wordt.

Vuur moet je brengen. Je moet zelf branden en anderen aansteken met het vuur van liefde tot God, van trouw, van apostolaat.


986

Roep de allerheiligste Maagd Maria aan. Vraag haar je altijd te laten zien dat ze je Moeder is: Monstra te esse Matrem! Vraag haar dat je, met de genade van haar Zoon, een helder inzicht in de leer mag krijgen, en een liefdevol en zuiver hart mag hebben. Op die manier zul je naar God weten te gaan en op jouw beurt veel mensen de weg naar God kunnen wijzen.


[Print]
 
[Verzend]
 
[Palm]
 
[Bewaar]
 
Vertaal het punt naar:
Vorige Volgende