Josemaría Escrivá Obras
 
 
 
 
 
 
  De Voor > Werk > Hst 15
482

Werken is de oorspronkelijke roeping van de mens, het is een zegen van God en degenen die het als een straf beschouwen vergissen zich jammerlijk.

De Heer, de beste van alle vaders, plaatste de eerste mens in het paradijs ut operaretur - opdat hij zou werken.


483

Studie, werk: plichten waaraan geen christen zich mag onttrekken; middelen waarmee we ons kunnen verdedigen tegen de vijanden van de Kerk en waarmee we - via ons beroepsprestige - zoveel andere zielen kunnen aantrekken, die hoewel ze goed zijn, geïsoleerd strijden. Het zijn de meest elementaire wapens voor degene die een apostel wil zijn midden in de wereld.


484

Ik bid God dat je ook de jongens- en jeugdjaren van Jezus als voorbeeld mag nemen, zowel toen Hij discussieerde met de schriftgeleerden in de tempel als toen Hij in de werkplaats van Jozef werkte.


485

De drieëndertig jaar van Jezus! : dertig daarvan gingen voorbij in stilte en verborgenheid, in onderdanigheid en werk


486

Een jonge kerel schreef me: “Mijn ideaal is zo groots dat alleen de zee het kan bevatten.” - Ik antwoordde: En het Tabernakel dan, dat zo - klein - is? En de - doodgewone - werkplaats van Nazareth dan?

In de grootsheid van het gewone wacht Hij op ons!


487

Voor God is geen enkele bezigheid op zichzelf groot of klein. Alles krijgt de waarde van de Liefde waarmee het gedaan wordt.


488

De heldhaftigheid van het werk zit in het - goed afmaken - van iedere taak.


489

Ik blijf er de nadruk op leggen: in de eenvoud van je gewone werk, in de eentonige kleine dingen van iedere dag moet je het geheim van het grootse en van het nieuwe ontdekken, dat voor zoveel mensen niet te zien is, het geheim van de Liefde.


490

Het helpt je erg - zeg je me - als je aan het volgende denkt: hoeveel zakenmensen zijn er misschien niet heilig geworden sinds de tijd van de eerste christenen?

En je wilt aantonen dat dat ook nu nog mogelijk is - De Heer zal je daarbij niet in de steek laten.


491

Ook jij hebt in je beroep een roeping die je aanspoort als een - angel - in je vlees. - Ja, met die - angel - moet je mensen vissen.

Zorg dus dat je bedoeling zuiver is en laat niet na om alle mogelijke prestige in je beroep te krijgen, ten dienste van God en van de zielen. De Heer rekent daar namelijk ook op.


492

Om iets te voltooien moet je er eerst mee beginnen

Dat lijkt wat flauw gezegd, maar zo vaak ontbreekt jou nu juist zo'n simpele vastberadenheid! En - wat is satan blij met je gebrek aan resultaten!


493

Werk dat menselijk gesproken knoeiwerk is, kan niet geheiligd worden, want wij mogen God geen slecht verrichte taken aanbieden.


494

Door geen aandacht te besteden aan kleine dingen kun je rusteloos werken en toch volstrekt gemakzuchtig leven.


495

Je hebt me gevraagd wat je de Heer kunt aanbieden. Ik hoef niet lang over mijn antwoord na te denken: hetzelfde als altijd, alleen beter uitgevoerd en met een afwerking vol liefde, die je meer aan Hem en minder aan jezelf laat denken.


496

Een voor een hedendaagse christen nog steeds actuele, heldhaftige opdracht: de meest uiteenlopende bezigheden op een heilige manier verrichten, hoe onbelangrijk ze ook lijken.


497

Laten we werken, veel en goed werken, zonder dat we uit het oog verliezen dat ons beste wapen het gebed is. Daarom word ik niet moe te herhalen dat wij contemplatieve zielen midden in de wereld moeten zijn, die van hun werk gebed proberen te maken.


498

Je schrijft me terwijl je in de keuken zit, bij het fornuis. Het wordt avond. Het is koud. Naast je zit je jongere zus aardappelen te schillen. Als laatste van jullie heeft ook zij de - goddelijke dwaasheid - ontdekt om haar christelijke roeping op totale wijze te beleven. Ogenschijnlijk - denk je - is haar werk hetzelfde als van vroeger. En toch, er is zo'n groot verschil!

Dat is waar: vroeger deed ze niets anders dan aardappels schillen; nu heiligt ze zich door aardappels te schillen


499

Je beweert dat je langzamerhand begint te begrijpen wat bedoeld wordt met - priesterlijke ziel - Word niet boos als ik je daarop zeg dat de feiten laten zien dat je het - alleen maar in theorie begrijpt. - Iedere dag gebeurt je hetzelfde: bij je gewetensonderzoek 's avonds zijn het een en al wensen en voornemens; 's morgens en 's middags bij je werk, een en al protest en uitvluchten.

Beleef je zo het “heilig priesterschap, om aan God geestelijke offers aan te bieden die Hem welgevallig zijn, door Jezus Christus”?


500

Bij het hervatten van je gewone werk slaakte je als een kreet van protest: “steeds weer hetzelfde!”. En ik zei je: - Ja, steeds hetzelfde. Maar die doodgewone taak - die je collega's ook doen - moet een voortdurend gebed voor je zijn, dat je iedere dag moet bidden met dezelfde innige woorden, maar op een andere melodie.

Het is juist onze taak om het proza van dit leven om te zetten heldendichten.


501

Het aantal dwazen, waarvan je in de heilige Schrift leest dat het oneindig is, stultorum infinitus est numerus, lijkt iedere dag nog groter te worden. In hoeveel maatschappelijke posities en onverwachte situaties, die varen onder de vlag van het prestige dat het ambt - en zelfs de - deugd - verleent, heb je niet onzinnige ideeën en gebrek aan gezond verstand te verduren!

Maar ik kan niet begrijpen dat je de bovennatuurlijke zin van het leven kwijtraakt en er onverschillig bij blijft: je innerlijke toestand moet wel diep gezakt zijn, als je die situaties - die je nu eenmaal moet verdragen! - laat voor wat ze zijn uit zuiver menselijke motieven

Als je ze niet helpt om de goede weg te vinden, met verantwoordelijk en goed afgemaakt - dus geheiligd! - werk, dan word je ten slotte zoals zij, dwaas, of ben je hun medeplichtige.


502

Het is van belang, dat je vecht, dat je je schouders eronder zet - Plaats in ieder geval je beroepsactiviteiten in het juiste perspectief: het zijn uitsluitend middelen om het doel te bereiken. Nooit en te nimmer mag je ze als het fundamentele zien.

Hoe vaak verhindert - professionalitis - beroepsverdwazing - de vereniging met God!


503

Neem me mijn aandringen niet kwalijk: het werktuig, het middel, mag geen doel worden. - Als een schep in plaats van zijn normale gewicht het honderdvoudige zou wegen, zou de boer met zo'n werktuig niet kunnen graven, want hij zou al zijn krachten verbruiken aan het sjouwen ervan, en het zaad zou geen wortel kunnen schieten omdat het ongebruikt bleef.


504

Het is altijd al hetzelfde liedje geweest: degene die werkt, roept gauw jaloezie, achterdocht en nijd op, hoe rechtschapen en onberispelijk zijn handelwijze ook moge zijn. - Als je een leidinggevende positie hebt, moet je eraan denken dat zulke vooroordelen die sommigen tegenover een bepaalde collega zullen hebben, onvoldoende reden zijn om de verdachte uit te rangeren. Het zou integendeel wel eens een teken kunnen zijn dat hij bruikbaar is voor grotere ondernemingen.


505

Hindernissen? - Die kunnen er soms zijn. - Maar soms verzin je ze zelf uit gemakzucht of lafheid. - De duivel is bijzonder handig in het formuleren van dergelijke schijnredenen om niet te hoeven werken! Hij weet namelijk goed dat luiheid de moeder is van alle ondeugden.


506

Je ontwikkelt een onvermoeibare activiteit. Maar er zit geen lijn in en daarom heeft het weinig effect. Ik moet denken aan wat ik ooit van een zeer betrouwbaar iemand hoorde. Ik wilde iemand tegenover zijn meerdere prijzen en zei: “Wat verzet hij een werk!” Ik kreeg dit antwoord: Zegt u liever: “Wat maakt hij een drukte!”

Je ontwikkelt een onvermoeibare, steriele activiteit - Wat maak je een drukte!


507

Om het werk van een ander te kleineren fluisterde je: Hij heeft niet meer gedaan dan zijn plicht.

Ik zei daarop: - Vind je dat weinig? - De Heer geeft ons het geluk van de hemel als we onze plicht hebben gedaan: Euge serve bone et fidelis - intra in gaudium Domini tui, welnu, goede en getrouwe knecht, treed binnen in de eeuwige heerlijkheid!


508

De Heer heeft er recht op - en voor ieder van ons is dat een plicht - dat we Hem - ieder ogenblik - verheerlijken. Dus als we onze tijd verknoeien stelen we de eer van God.


509

Je beseft dat het werk dringend is en dat een minuut die is afgestaan aan gemakzucht, tijd is die onttrokken is aan de eer van God. - Waar wacht je dan nog op, voor je elk ogenblik gewetensvol gaat benutten?

Afgezien daarvan raad ik je aan om eens na te gaan of die vrije minuten in de loop van de dag - die bij elkaar uren zijn! - niet beantwoorden aan je wanordelijkheid of je luiheid.


510

Je verdriet en onrust zijn evenredig aan de tijd die je hebt verknoeid. - Als je het heilige ongeduld voelt om al je tijd goed te besteden, zal je overstelpt worden door blijdschap en vrede, omdat je dan niet meer aan jezelf denkt.


511

Veel bezorgdheid?... - Ik ben niet bezorgd, zei ik tegen je, want ik 'zorg' voor veel dingen.


512

Je maakt een kritische periode door: een zekere vage angst; moeite om je leefplan te volgen; de druk van je werk, aan vierentwintig uur per dag heb je niet genoeg om aan al je verplichtingen te voldoen

- Heb je wel eens geprobeerd om de raad van de Apostel op te volgen: “Doe alles op een eerzame en geordende manier”? Dat wil zeggen, in Gods tegenwoordigheid, met Hem, door Hem en alleen maar voor Hem.


513

Als je je tijd indeelt, moet je ook bekijken waar je de vrije tijd die je onverwacht kunt krijgen, aan zult besteden.


514

Ik heb rust altijd opgevat als een tijd waarin we ons losmaken van onze dagelijkse werkzaamheden, maar nooit als nietsdoen.

Rust betekent nieuwe krachten opdoen, je idealen opfrissen en plannen maken... Kortom: iets anders doen om daarna met frisse moed tot je normale bezigheden terug te keren.


515

Nu je veel te doen hebt zijn 'je problemen' verdwenen... - Wees eerlijk: aangezien je besloten hebt voor Hem te gaan werken heb je geen tijd meer om te denken aan je egoïsme.


516

Schietgebeden hinderen het werk evenmin als het kloppen van het hart de lichaamsbewegingen stoort.


517

Je werk heiligen is geen hersenschim, maar de opdracht van iedere christen: van jou en van mij.

Dat had de machinebankwerker ontdekt die zei: “Ik ben dolgelukkig als ik denk aan de zekerheid dat ik heilig kan worden door aan mijn draaibank te werken en - met het hart en met de stem - het ene lied na het andere te zingen...; wat een goedheid van onze God!”


518

Het werk is je gaan tegenstaan, vooral als je bedenkt hoe weinig je collega's van God houden en vluchten voor de genade en voor het goede dat je voor hen wil doen.

Alles wat zij nalaten, moet jij proberen te compenseren door je ook in je werk aan God te geven op een manier zoals je tot nu toe nog niet hebt gedaan, door van je werk een gebed te maken dat naar de hemel opstijgt voor de mensheid.


519

Werken met vreugde is niet hetzelfde als “vrolijk aan” werken, zonder diepgang, alsof je je van een last ontdoet.

Zorg dat je inspanning niet waardeloos wordt door onbezonnenheid of lichtzinnigheid, zodat je het gevaar loopt om per slot van rekening met lege handen voor God te komen staan.


520

Sommigen laten zich in hun werk leiden door vooroordelen: uit principe vertrouwen ze niemand en ze zien vanzelfsprekend de noodzaak niet om te proberen hun werk te heiligen. Als je dat tegen hen zegt, antwoorden ze dat je ze niet nog meer lasten moet geven dan ze al hebben door hun werk, dat ze met tegenzin, als ware het een zware druk, verdragen.

Dit is een van de veldslagen van vrede die je moet winnen: dat je God vindt in je werkzaamheden en - mèt Hem en net als Hij - dienstbaar bent aan anderen.


521

Je schrikt terug voor moeilijkheden. Weet je hoe je gedrag kort kan worden samengevat?: Gemakzucht, gemakzucht, en nogmaals gemakzucht!

Je had gezegd dat je bereid was om jezelf onbeperkt weg te cijferen, en nu blijf je steken in de rol van leerling-held. Reageer op een volwassen manier!


522

Student: wijd je met een apostolische geest aan je boeken, in de vaste overtuiging dat die talloze uren - nu al - een geestelijk offer aan God zijn dat ten voordele van heel de mensheid is, van je land, van je eigen ziel.


523

Jouw enige zorg heet studie. Duizendmaal neem je je voor, je tijd goed te gebruiken, en toch word je door alles afgeleid. Soms word je moe van jezelf vanwege het feit dat je zo weinig wil toont. Niettemin begin je iedere dag weer opnieuw.

Heb je al eens geprobeerd je studie op te offeren voor concrete apostolische intenties?


524

Het is makkelijker druk in de weer te zijn dan te studeren, maar het is minder doeltreffend.


525

Als je weet dat studie apostolaat is en je doet niet meer in je studie dan met je hakken over de sloot komen, gaat het duidelijk slecht met je innerlijk leven.

Door die nalatigheid verlies je de goede geest en als je je niet betert, sluit je jezelf misschien wel uit van de vriendschap met de Heer en blijf je steken in de modder van je gemakzuchtige berekening, net als die knecht uit de parabel die listig het talent dat hij had ontvangen, wegstopte.


526

Studeren is noodzakelijk - maar het is niet genoeg.

Wat kan er terecht komen van iemand die zich doodwerkt om zijn egoïsme te voeden, of die geen ander doel heeft dan om zich binnen een paar jaar van een rustig leventje te verzekeren?

Je moet studeren - om de wereld voor God te veroveren. Dan brengen we onze inspanning op een hoger vlak doordat we proberen ons werk te maken tot een ontmoeting met de Heer en tot de basis voor anderen die ons op onze weg zullen volgen.

Op die manier is studie gebed.


527

Na zovele mensen te hebben gekend die heldhaftig voor God hebben geleefd zonder dat ze hun plaats in het leven in de steek hebben gelaten, ben ik tot de volgende conclusie gekomen: voor een katholiek is werken niet louter plichtmatig handelen, maar liefhebben!, dat wil zeggen zichzelf met vreugde telkens opnieuw overtreffen in de plichtsvervulling en in het offer.


528

Als je het ideaal van de broederlijke arbeid omwille van Christus begrijpt, zul je je groter en sterker voelen en zo gelukkig als je maar kunt zijn op deze wereld, waar zovelen erop uit zijn om wanorde en verbittering te scheppen omdat ze uitsluitend hun eigen ik achterna lopen.


529

Heiligheid bestaat uit heldhaftige daden. - Daarom wordt van ons ten aanzien van ons werk de heldhaftigheid gevraagd om de ons toevertrouwde taak tot een goed einde te brengen, dag in dag uit, ook als dezelfde bezigheden steeds terugkeren. Anders willen we niet heilig zijn!


530

Die priester, een goede vriend van ons, heeft me overtuigd. Hij sprak met me over zijn apostolische werk en gaf me de verzekering dat er geen bezigheden zijn die onbelangrijk zijn. “Achter dit veld met bloeiende rozen”, zei hij, “gaat de stille inspanning schuil van talloze zielen die door hun werk en hun gebed, hun gebed en hun werk, een stortvloed van genade van de hemel hebben verkregen waardoor alles vruchtbaar wordt gemaakt.”


531

Zorg voor een afbeelding van Onze Lieve Vrouw op je werktafel, in je kamer, in je agenda - en kijk ernaar aan het begin van je werk, tijdens je werk en aan het einde van je werk. Zij zal voor jou - ik verzeker het je - de kracht verkrijgen om van je werk een liefdevol gesprek met God te maken.


[Print]
 
[Verzend]
 
[Palm]
 
[Bewaar]
 
Vertaal het punt naar:
Vorige Volgende