Josemaría Escrivá Obras
 
 
 
 
 
 
  De Weg > Geloof > Hst 26
575

Sommigen gaan door het leven als door een tunnel, zonder zich ooit rekenschap te geven van de glans en de zekerheid en de warmte van de zon van het geloof.


576

Met wat voor een misdadige scherpzinnigheid argumenteert Satan tegen ons katholiek geloof!

Maar laten wij hem steeds zeggen, zonder in discussie te treden: ik ben een zoon van de Kerk.


577

Je voelt een geweldig geloof... - Hij die je dit geloof geeft, zal je ook de middelen geven.


578

Luister, apostolische mens, naar wat St. Paulus je voorhoudt: Iustus ex fide vivit. De rechtvaardige leeft uit het geloof.

- Hoe kun je dit vuur laten uitgaan?


579

Geloof. - Het is treurig te zien, hoeveel christenen er de mond van vol hebben, maar er in hun leven zo bitter weinig van terechtbrengen!

- Alsof het geloof een deugd was, alleen bestemd om gepredikt en niet om beoefend te worden.


580

Vraag de Heer nederig je geloof te vermeerderen. - Dan zul je met dat nieuwe licht scherper het verschil kunnen zien tussen de paden van de wereld en je eigen weg als apostel.


581

Met hoeveel nederigheid en eenvoud vertellen de evangelisten over gebeurtenissen, die een helder licht werpen op het slappe en wankelende geloof van de apostelen.

- Opdat jij en ik de hoop niet zouden verliezen, ooit het rotsvaste en sterke geloof te verwerven dat de apostelen nadien bezaten.


582

Wat is ons katholiek geloof mooi! - Het bevredigt onze diepste verlangens, brengt het verstand tot rust en vervult het hart met hoop.


583

Ik ben niet “verzot op wonderen”. - Ik zei je al, dat ik meer dan genoeg heb aan de wonderen van het heilig Evangelie om mij te bevestigen in het geloof. - Maar ik heb medelijden met die christenen, zelfs vrome, “apostolisch” ingestelde, die glimlachen als ze horen spreken over buitengewone wegen of bovennatuurlijke gebeurtenissen. - Ik heb veel zin om hun te zeggen: Ja, ook nu gebeuren er nog wonderen. We zouden ze zelf verrichten, als we geloof hadden!


584

Verlevendig je geloof. - Christus is niet een figuur die voorbijgegaan is, geen herinnering die tot het verleden behoort.

Hij leeft! Jesus Christus heri et hodie, ipse et in saecula! Jezus Christus gisteren en vandaag en altijd!, zegt de heilige Paulus.


585

Si habueritis fidem sicut granum sinapis! Als jullie een geloof hadden zo groot als een mosterdzaadje!...

- Hoeveel beloften houdt deze uitroep van de Meester in!


586

God is altijd dezelfde. - Mensen van geloof zijn nodig: dan zullen opnieuw de wonderdaden gebeuren, waarover wij in de Heilige Schrift lezen. Ecce non est abbreviata manus Domini. De arm van God, Zijn macht, is niet verkort!


587

Zij hebben geen geloof. - Maar bijgelovig zijn ze wél. Wij moesten lachen en voelden ons tegelijk gegeneerd toen die man van aanzien zijn rust verloor bij het horen van een woord, dat op zich onschuldig en ongevaarlijk was, maar dat voor hem een slecht voorteken inhield. Of toen hij iemand onder een ladder zag doorlopen.


588

Omnia possibilia sunt credenti. Alles is mogelijk voor wie gelooft. - Dit zijn woorden van Christus.

- Waarom zeg je Hem niet met de apostelen: Adauge nobis fidem! Vermeerder mijn geloof!


[Print]
 
[Verzend]
 
[Palm]
 
[Bewaar]
 
Vertaal het punt naar:
Vorige Volgende