Josemaría Escrivá Obras
 
 
 
 
 
 
  Vrienden van God > Met de kracht van de liefde > Punt 223
223

Heer, waarom noemt U dat gebod nieuw? Wij hebben net nog gehoord, dat naastenliefde een voorschrift was uit het Oude Testament. U zult u ook herinneren dat Jezus, vlak na het begin van zijn openbaar leven, deze eis verbreedde, met goddelijke edelmoedigheid: Gij hebt gehoord, dat er gezegd is: gij zult uw naasten beminnen en uw vijand haten. Maar Ik zeg u: bemint uw vijanden en bidt voor wie u lasteren en u vervolgen (Mat 5, 43­44).

Heer, sta ons toe, dat wij nogmaals vragen, waarom hebt U dat gebod nieuw genoemd? In die nacht, een paar uur voor Gij U offerde aan het Kruis, in dat innige gesprek met hen die U —ondanks hun persoonlijke zwakheden en onvolkomenheden, zoals die van ons— gevolgd waren naar Jeruzalem, toen hebt Gij ons de onvermoede maat van de naastenliefde geopenbaard: zoals Ik u heb liefgehad. Hoe zouden de apostelen u niet begrepen kunnen hebben, terwijl zij getuige van uw onpeilbare liefde waren?

De boodschap en het voorbeeld van de Heer zijn duidelijk, nauwkeurig. Hij heeft zijn leer onderstreept met daden. En ik heb trouwens vaak gedacht dat dit gebod, twintig eeuwen later, nog steeds nieuw is, omdat nog maar heel weinig mensen zich ertoe gezet hebben het in praktijk te brengen. De rest, de meerderheid gaf en geeft er de voorkeur aan het niet te horen. Met een bitter egoïsme is hun conclusie: wat zal ik het me moeilijk maken! Ik heb meer dan genoeg aan mijn eigen zorgen!

Een dergelijke houding past niet onder christenen. Als wij ditzelfde geloof belijden, als wij werkelijk willen treden in de heldere sporen die de schreden van Christus hier op aarde hebben achtergelaten, moeten wij ons niet tevreden stellen met het voor de naasten afwenden van het kwaad dat wij zelf niet wensen. Dat is heel wat, maar erg weinig wanneer we inzien dat de maat voor onze liefde bepaald wordt door het gedrag van Jezus. Bovendien houdt Hij ons deze gedragsnorm niet voor als een ver verwijderd doel, als de bekroning na een leven van strijd. Dit gedrag is —moet zijn, blijf ik herhalen, opdat u het vertaalt in concrete voornemens— het vertrekpunt, want de Heer geeft het als een voorafgaand teken: Hieraan zullen zij u als mijn leerlingen herkennen.

[Print]
 
[Verzend]
 
[Palm]
 
[Bewaar]
 
Vertaal het punt naar:
Vorige Zie hoofdstuk Volgende