Josemaría Escrivá Obras
 
 
 
 
 
 
  Vrienden van God > Vrijheid, een godsgeschenk > Punt 37
37

In de gelijkenis van de genodigden voor het bruiloftsmaal hoort de gastheer dat bepaalde lieden die zouden komen zich slim maar bedrieglijk verontschuldigden. Dan beveelt hij zijn dienaar: Ga naar de wegen en de binnenpaden en —compelle intrare— dwing de mensen binnen te komen (Luc 14, 23). Worden de mensen daar niet gedwongen? Wordt daar geen geweld gebruikt tegen de rechtmatige vrijheid van elk geweten?

Als wij het evangelie overwegen en het onderricht van Christus onder de loep nemen, zullen we zijn bevelen niet verwarren met dwang. Kijk hoe Christus altijd omzichtig formuleert: als je volmaakt wilt zijn¼ als iemand mij wil volgen¼ Dat compelle intrare bevat geen enkele dwang, noch lichamelijk, noch moreel. Het is een weerspiegeling van de kracht van het voorbeeld van de christen, waarin op eigen wijze de macht van God zichtbaar wordt: “zie de aantrekkingskracht van de Vader; Hij schenkt vreugde door zijn onderricht, zonder dwang op te leggen. Zo trekt Hij naar zich toe” (H. Augustinus, In Ioannis Evangelium tractatus, 26, 7 (PL 35, 1610)).

Wanneer men die atmosfeer van vrijheid inademt, begrijpt men, dat verkeerd handelen geen vrijheid maar slavernij oplevert. “Wie tegen God zondigt, behoudt de vrijheid van zijn wil, althans wat betreft vrijheid van dwang, maar verliest de vrijheid van schuld” (H. Thomas van Aquino, Quaestiones disputatae. De malo, q6 a1). Hij zal misschien zeggen, dat hij naar eigen voorkeur gehandeld heeft. Maar als hij van vrijheid zou willen spreken, zou in zijn stem een valse noot doorklinken, want hij zou slaaf zijn van wat hij koos. En hij zou de slechtste keus gedaan hebben: gekozen voor Gods afwezigheid. Dáár is geen vrijheid.

[Print]
 
[Verzend]
 
[Palm]
 
[Bewaar]
 
Vertaal het punt naar:
Vorige Zie hoofdstuk Volgende