Josemaría Escrivá Obras
24

De heiligheid van de menselijke liefde



De zuivere en mooie liefde van het echtpaar is heilig, en als priester zegen ik die met beide handen. De christelijke traditie heeft in Christus” aanwezigheid op de bruiloft van Kana dikwijls een bevestiging gezien van de goddelijke waarde van het huwelijk: Onze Verlosser is naar de bruiloft gegaan, schrijft de heilige Cyrillus van AlexandriŽ, om de oorsprong van het menselijk leven heilig te maken [In Ioannem commentarius, 2, I (PG 73, 223)].

Het huwelijk is een sacrament dat van twee lichamen ťťn vlees maakt, zoals dat in de theologie krachtig wordt uitgedrukt. De lichamen van man en vrouw zijn de materie van het sacrament. De Heer heiligt en zegent de liefde van de man voor zijn vrouw, en van de vrouw voor haar man. Hij heeft niet alleen gewild dat hun zielen zich zouden verenigen, maar ook hun lichamen. Geen christen, of hij geroepen is tot het huwelijk of niet, mag daar licht over denken.

De Schepper heeft ons het verstand gegeven dat als een vonkje van het goddelijk intellect is en ons in staat stelt om — in samenwerking met onze vrije wil, die ook een gave van God is — te kennen en lief te hebben; en Hij heeft ons lichaam het vermogen gegeven om leven te verwekken waardoor we deelnemen aan zijn scheppingsmacht. God heeft zich van de echtelijke liefde willen bedienen om nieuwe schepselen ter wereld te brengen en het Lichaam van zijn Kerk te laten groeien. Seksualiteit is niet iets om zich voor te schamen, het is een geschenk van God dat in haar zuiverheid is gericht op leven, liefde en vruchtbaarheid.

Tegen deze achtergrond moet de christelijke leer over seksualiteit worden gezien. Ons geloof veracht niets van wat hier op aarde mooi, nobel en echt menselijk is. Het leert ons dat het najagen van egoÔstisch genot niet de leidraad in ons leven mag zijn, omdat alleen zelfverloochening en offer tot ware liefde leiden. God houdt van ons en Hij vraagt ons om van Hem en van de mensen te houden, zoals Hij van ons houdt. Wie zijn leven tracht te winnen, zal het verliezen. Maar wie zijn leven om Mijnentwil verliest, zal het winnen (Mt 10, 39), heet het schijnbaar paradoxaal bij de heilige MatteŁs.

Wie alleen maar om zichzelf draait en in de eerste plaats de eigen behoeften wil bevredigen, zet zijn eeuwige redding op het spel en is zonder enige twijfel ook nu ongelukkig. Alleen wie zichzelf vergeet en zich aan God en zijn naasten geeft, ook in het huwelijk, kan gelukkig zijn op aarde, met een geluk dat een voorproef van de hemel is.

Op onze aardse weg is lijden de toetssteen van de liefde. Je zou kort en bondig kunnen zeggen dat het huwelijk licht- en schaduwzijden kent. Aan de ene kant is er de vreugde zich geliefd te weten, het verlangen een gezin te stichten en het vooruit te brengen, de echtelijke liefde, en de voldoening de kinderen te zien opgroeien. Aan de andere kant is er verdriet en tegenslag, de tijd die zijn tol eist van het lichaam en het karakter dreigt te verzuren, de schijnbare grauwheid van de dagen die steeds hetzelfde lijken.

Wie echter denkt dat het met de liefde en het geluk gedaan is als er moeilijkheden komen, heeft een armzalige voorstelling van het huwelijk en van de menselijke liefde. Juist dan komen we bij de kern van de menselijke gevoelens, juist dan wordt de overgave en tederheid sterker en blijkt er een echte en diepe liefde te zijn die sterker is dan de dood (zie Hoogl 8, 6).

Vorige Zie hoofdstuk Volgende