Josemaría Escrivá Obras
5

Waar, is Jezus? Maria: het Kind, waar is Het...!?

Maria huilt. - Tevergeefs zijn jij en ik van groep naar groep, en van karavaan naar karavaan gelopen: niemand heeft Hem gezien. Jozef doet vergeefse pogingen om zijn tranen te bedwingen en huilt ook... En jij... En ik.

Omdat ik een ruw knechtje ben huil ik tranen met tuiten en roep ik luidkeels hemel en aarde aan... voor al die keren dat ik Hem door mijn eigen schuld verloor en niet huilde.

Jezus, dat ik U nooit meer kwijtraak... Het ongeluk en het verdriet verenigen ons nu, zoals de zonde ons tůen verenigde. Uit het diepste van ons wezen stijgen zuchten op van intens berouw en vurige woorden, die geen pen kan of mag weergeven.

En als wij dan getroost worden door de vreugde Jezus - na drie dagen ! - terug te vinden in een discussie met de leraren van IsraŽl (Lc. 2, 46), zal in jouw en mijn ziel heel diep de plicht gegrift staan ons huis en onze familie te verlaten om de Hemelse Vader te dienen.

Vorige Volgende