Josemaría Escrivá Obras
261

Simon antwoordde: Meester, de hele nacht hebben we gezwoegd zonder iets te vangen (Luc 5, 5). Het antwoord lijkt hout te snijden. Urenlang hebben ze gevist zoals altijd en precies die nacht zonder iets te vangen. Daarna nog overdag gaan vissen? Ondanks alles gelooft Petrus: maar op uw woord zal ik de netten uitgooien (Ibidem). Hij besluit Christus te volgen. Hij zet zich aan het werk. Hij vertrouwt op het Woord van de Heer. Wat gebeurt er dan? Ze deden het en vingen zulk een massa vissen in hun netten dat deze dreigden te scheuren. Daarom wenkten ze hun maats in de andere boot om hen te komen helpen. Toen zij gekomen waren, vulden zij beide boten tot zinkens toe (Luc 5, 6­7).

Jezus had, toen Hij met zijn leerlingen van wal stak, niet alleen die vangst op het oog. Daarom antwoordde Hij, toen Petrus Hem te voet viel en nederig beleed: Heer, ga weg van mij, want ik ben een zondig mens: Wees niet bevreesd, voortaan zult ge mensen vangen (Luc 5, 8 en 10). En bij deze nieuwe soort visvangst zal het goddelijk resultaat opnieuw blijken: de apostelen zullen vruchtbare werktuigen zijn, ondanks hun eigen kleinheid.

Vorige Zie hoofdstuk Volgende