Josemaría Escrivá Obras
315

Met de heilige Engelen

Vraag de Heer dat wij, zolang wij op deze aardkloot verblijven, ons nooit afscheiden van deze goddelijke reiziger. Laten wij daartoe ook onze vriendschap met de heilige Engelbewaarders doen groeien. Wij hebben allemaal veel gezelschap nodig: gezellen van de hemel en van de aarde. Wees verknocht aan de heilige engelen. Vriendschap is zeer menselijk, maar ook zeer goddelijk, net als ons leven dat goddelijk en menselijk is. Bent u het eens met wat de Heer zegt: Ik noem u geen dienaars meer, maar vrienden (Joh 15, 15). Hij leert ons vertrouwen te hebben in de vrienden van God die al in de hemel vertoeven en met de schepselen met wie wij het leven hier delen, ook met hen die van de Heer afgescheiden lijken te zijn, om hen weer in het goede spoor te helpen.

Ik zal eindigen met de woorden van de heilige Paulus aan de christenen van Kolosse te herhalen: Wij houden dan ook niet op voor u te bidden. Wij smeken God u alle wijsheid en geestelijk inzicht te schenken, zodat gij zijn wil volledig verstaat (Kol 1, 9). Wijsheid die evenredig is met het gebed, de contemplatie, de instorting van de Parakleet in onze ziel.

Zodat u een leven leidt dat de Heer waardig is en Hem in alles behaagt. Moogt gij vruchten voortbrengen van actieve goedheid op allerlei gebied en tevens toenemen in de waarachtige kennis van God. Moge Hij u in zijn heerlijke kracht machtig sterken om alles uit te houden en alles te verdragen. Zegt met blijdschap dank aan de Vader die u in staat stelde te delen in de erfenis van de heiligen in het licht. Hij heeft ons ontrukt aan het domein van de duisternis en overgebracht naar het koninkrijk van zijn geliefde Zoon (Kol 1, 10­13).

Vorige Zie hoofdstuk Volgende